De Verenigde Staten zijn geen democratie maar een zogenaamde oligopolie. Economische elites en lobbygroepen in het bedrijfsleven hebben een aanzienlijke invloed op het beleid van de Amerikaanse regering. De gemiddelde burger en de organisaties van de massa hebben een geringe of geen invloed. Dit wijst erop dat een economische elite het land domineert. Dat blijkt uit een wetenschappelijk onderzoek van Martin Gilens en Benjamin I. Page van de Princeton-universiteit.

Gilens en een aantal assistenten hebben gegevens verzameld over een grote aantal politieke zaken tussen 1981 en 2002 waarin het publiek middels een nationale enquête gevraagd werd  naar een positieve/negatieve opinie over een voorgestelde beleidsverandering. Het blijkt dat zelfs als 80% van de bevolking een bepaalde beleidsverandering wil, dit alleen in 43% van de gevallen gebeurd.

Een andere opvallende uitkomst is dat de gemiddelde burgers soms wel kreeg wat het wilde, als het maar in overeenstemming was met de elites. Het samenvallen van de belangen is geheel toevallig en het resultaat van een publieke campagne geleid door de dominante groepen. De grote vraag is natuurlijk wat er sinds 2002 is gebeurd en in het bijzonder na het uitbreken van de financiële crisis in 2008… Uit een studie van 2012 blijkt dat slechts 23% van de Amerikanen het redden van de banken steunde.

Inkomensongelijkheid

Leidt deze dominantie tot meer inkomensongelijkheid of is het juist andersom: Leidt een scheve welvaartsverdeling tot een dominantie van de elites? Het is zoals vaak bij statistische cijfers een kip en het ei verhaal. Mogelijk is er sprake van een wisselwerking: een grotere scheve inkomensverdeling kan leiden tot meer dominantie en op zijn beurt tot een grotere kloof tussen de gewone burger en de elites. En dat is wat we zien als we naar de onderstaande grafiek kijken van de economen Atif Mian en Amir Sufi,

Welvaartsongelijkeid in de VS
Welvaartsongelijkeid in de VS

Slechts 0,1% van de bevolking bezit meer dan 20% van de Amerikaanse welvaart. Dat percentage is sinds 1978 opgelopen van circa 8% naar meer dan 20% vorig jaar.  Het kan nog erger worden als we inzoomen naar de 0,01%.

Welvaartsongelijkeid in de VS_2
Welvaartsongelijkeid in de VS_2

De grijze en zwarte lijn tonen aan dat de hoogste 0,1% tot 1% welvaartsbezitters geen grote stijging gekend hebben. De toename van de welvaart is vooral op rekening te schrijven aan de 0,01%. Deze zijn de superrijke huishoudens die nog rijker werden. Een paar families bezitten dus circa 11% van de Amerikaanse welvaart.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *